GeorgeSports Logo

 

ANALYSE CIJFERS WK ZWEMMEN 2011 TE SHANGHAI DEEL 5

2011-08-05, door: George Sieverding

Nieuwe column    <    Overzicht    >    Oude column


In deel 4 is kort stilgestaan bij het drietal schoolslag talenten van onze zuiderburen.  Het drietal dames is dermate jong, gemiddeld nog geen twintig jaar, dat België hiervan nog jaren kan profiteren mits de organisatiestructuur het doorgroeien niet in de weg staat.
België in het algemeen en Vlaanderen in het bijzonder hebben iets met de schoolslag. Naast het eerder genoemde drietal heeft eerder, wederom een drietal, bijna twee decennia het Belgische zwemmen op de wereldkaart gehouden en de Nederlandse schoolslag prestaties danig doen verbleken.
Ingrid Lempereur nam deel aan de Olympische Spelen van 1984 en 1988. In 1984 werd zij de eerste Belgische zwemster die een medaille, bronzen, wist te behalen. In deze periode ontlook het  talent Brigitte Becu. Zij nam deel aan de Spelen van 1988, 1992, 1996 en 2000. Daarnaast was zij zeer succesvol op de EK’ en WK’ s korte- en lange baan en scoorde hierop zelfs medailles. Frederik Deburghgrave, bijgenaamd Fredje, was ongetwijfeld de meest succesvolle van dit drietal. Europees Kampioen 1994, Wereld Kampioen 1998 en als klap op de vuurpijl: Olympisch Kampioen 1996 en altijd in nieuwe records.
Zal het eerder genoemde drietal talentvolle schoolslagzwemsters in de voetsporen kunnen treden van hun illustere voorgangers? Zijn er mogelijk nog andere talenten op komst?

1.België 2
Tijdens de grote toernooien van de afgelopen jaren is een steeds groter aantal jongeren naar voren geschoven. Hierbij is het niet alleen bij de dames gebleven.
Sterker nog, de heren hebben de weg naar de top eveneens ingeslagen.
Tijdens het WK te Shangahi viel het zeer sterke zwemmen van de herenploegen op de borstcrawl estafette’ s op. Helaas geen Olympische kwalificatie op de 4*100 vanwege een terechte diskwalificatie. Evenmin een Olympische kwalificatie op de 4*200, doch de eindtijd was prima.
4*100: Yoris Grandjean, 18989, Glenn Surgeloose, 1989, Jasper Arents, 1992 en Pieter Timmers, 1989
scoorden met een zeer jonge ploeg een prima finale plaats, maar helaas. Hun tijd komt nog wel.
Op de 4*200 werd Dieter Dekoninck, 1991, aan het team toegevoegd. Slotzwemmer Timmers realiseerde een fabelachtige 1.47.78. Ook dit nog zeer jonge team heeft grote mogelijkheden.
Koppel hieraan de recente successen van Emmanuel VanLuchene en Ward Bauwens, beide nog amper 18 jaar, terwijl ook heel veel mag worden verwacht van Marnik Dekoninck het jongere broertje van Dieter, dan is hiermee vraag twee van hierboven voldoende beantwoord.

2.Estafette’s
Het WK 2011 maakte duidelijk dat de Verenigde Staten nog altijd heerst op de estafette’ s. Van het zestal onderdelen werden er vier gewonnen, plus een tweede en een derde plaats. Op de 4*100 BC zegevierde voor de zoveelste keer op rij Nederland, terwijl bij de heren verrassend niet het favoriete Frankrijk doch de ploeg uit Down-Under zegevierde.
De USA en natuurlijk de “Aussies” waren vertegenwoordigd in alle estafette finales. Duitsland en Groot Brittannië in vijf, China, Japan en Canada in vier, terwijl landen als Frankrijk (3), Rusland (2), Italië (2) en Zuid-Afrika zelfs maar één behoorlijk tegen vielen.
Nederland scoorde met de dames en zwom een degelijke 4*100 wisselslag heren. Bij de dames zwommen Marleen Veldhuis (32), Ranomi Kromowidjojo (20), Maud van de Meer (19), Femke Heemskerk (24) en Inge Dekker (25). De oudste 32, de jongste 19, gemiddeld  24 jaar. Bij de Amerikanen was de oudste 29, de jongste 16 en het gemiddelde 23 jaar. De ploeg uit Australië scoorde met 27, 15 en gemiddeld 22 jaar het beste. Duitsland met 28, 17 en gemiddeld 22 jaar eveneens prima doch hun breedte blijft achter. De Britten met de Olympische Spelen 2012 te London voor de deur scoorden 21, 25 en gemiddeld bijna 24 jaar ook minder dan verwacht.
De heren scoorden de Nederlanders: 24, 23, gemiddeld 23 doch zonder mogelijk vervanging. De Verenigde Staten en Australië vervingen hun hele ploeg: 29, 22, 25 gemiddeld: 32, 19 en ruim 23. Ook de verrassend sterke Japanse ploeg: 27, 21 en 24 heeft het Hollandse gemiddelde en ook weinig vervangingsmogelijkheden. Opvallend de uitschakeling van sterke landen als Brazilië, Frankrijk en Rusland. Vermoedelijk onderschatting.

3.Wereld Records
Het verbod op het polyurethaan heeft de recordregen een voorlopig halt toegeroepen, maar de strijd er desalniettemin  niet vervelender opgemaakt en in ieder geval eerlijker. Slechts 2 Wereld Records, doch deze klonken dan ook als een klok.
Het begon met de prachtige finale op de 200 meter wisselslag bij de heren. Er ontspon zich een titanengevecht tussen de grootheden Ryan Lochte (26 jaar, Wereldrecordhouder met 1.54.10 en uitgroeiend tot de beste zwemmer van het WK 2011) en Michael Phelps (eveneens 26 jaar, meeste succesvolle en beste zwemmer Aller Tijden, bezig aan zijn laatste WK en in het bezit van maar liefst 26 Wereldtitels).
De tijden:
0.65-24.89-53.48-1.26.51-1.54.00-1e-WR(1.54.10) Ryan Lochte
0.69-24.83-53.67-1.26.80-1.54.16-2e Michael Phelps.
Commentaar overbodig. Nummer 3, de Hongaar Laszloo Cseh toch ook een zwemmer met een respectabele erelijst, voerde op afstand (1.57.69) de andere finalisten aan.
Eveneens een prachtig Wereld Record voor de jonge Chinees Sun Yang (19 jaar)  op de 1.500 meter borstcrawl in 14.34.14 (was in handen van de legendarische Australiër Grant Hackett met 14.34.56). Imposant de laatste 100 van de Chinees: 54.22!

In deel 6 aandacht voor de reacties in de pers.

 

Nieuwe column    <    Overzicht    >    Oude column

 © George Sports 2018