2026-07-04, door: George Sieverding
In de beginfase van het lopende WK voetbal publiceerde de NOS een artikel over de filosofie en de aanpak van de Noorse sport. Eerst plezier, dan presteren: waarom het Noorse sportmodel werkt (ook voor voetbal).
Dit "schreeuwt" om een verklaring vanwege de mogelijke afwijkingen binnen de ons bekende systemen. Hieronder een poging om de filosofie en de aanpak te doorgronden.
Noorwegen, een groot land qua oppervlakte (385.000 km²) doch klein met betrekking tot het aantal inwoners (± 6 miljoen) hetgeen 16 inwoners per km² betekent, kent een aantal grote steden (Oslo, Bergen, Trondheim en Stavanger), heeft een hoge immigratie dichtheid (18%) en zijn alle inwoners in principe miljonair (gezien de spaarpot van de overheid voor alle Noren).
Ter vergelijking: Nederland heeft een oppervlakte van ± 40.000 km², ± 18 miljoen inwoners, ±550 inwoners per km² , een immigratie dichtheid van bijna 17% en is een relatief rijk land.
Op de "ranglijst van rijkste landen" staan Noorwegen (6e) en Nederland (9e) in de top-tien.
Noorwegen blinkt uit in sporten als
Voetbal (vrouwen en mannen), Handbal (vrouwen en mannen)
Langlaufen, Biatlon, Schaatsen, Atletiek en Triatlon
en scoort op de ranglijsten van de Olympische Spelen (Winter Spelen 1e met 447 medailles en Zomer Spelen 21e 168*).
Wederom ter vergelijking met Nederland (Winter Spelen 9e 167* en Zomer Spelen 14e 356*).
Succesvolste Noorse sporters in de 21e eeuw
Johannes Høsflot Klaebo (langlauf), Marit Bjørgen (langlauf), Ole Einar Bjørndalen (biatlon), Johannes Thingnes Bø (biatlon), Jakon Ingebrigtsen (atletiek), Karsten Warholm (atletiek), Kristan blummenfelt (triatlon, "wereldrecordhouder VO2 max 101.1") is een reeks van bijzondere kampioenen en meestal opvolgers van eerdere grootheden.
De filosofie achter deze successen
Citaat 1: "Noorwegen wint door sport leuk en toegankelijk te maken voor iedereen, waardoor een enorme talentpool ontstaat, en deze talenten vervolgens te ondersteunen met een systeem van wereldklasse. Dat 90% van de Noorse kinderen meedoet aan sport, ervan geniet en de positieve en fysieke effecten ervan ervaart, is een van de grootste......"
Citaat 2: "De Noorse sportfilosofie is een unieke, holistische visie waarin plezier, brede participatie en de menselijke ontwikkeling centraal staan. In plaats van vroege specialisatie of keiharde prestatiedwang op jonge leeftijd, vormt een ontspannen, inclusieve benadering de basis voor zowel breedtesport als de huidige wereldwijde topsportdominantie."
Plezier boven prestatie in de jeugd tot 13 jaar:
-geen klassementen, scores, ranglijsten , kampioenen
-betaalbare sportclubs geleid door vrijwilligers toegankelijk voor iedereen.
Vragen
1.Sedert wanneer wordt deze filosofie in praktijk gebracht?
2.Welk van de beroemde Noorse sporters zijn een product van deze aanpak?
Mogelijk is het een filosofie die voortkomt uit een gedachte, een gedachte die is gebaseerd op vragen.
Vragen als "waarom doen wij het met onze Noorse toppers zo goed"? Het is bijzonder ongenuanceerd om deze gedachte als filosofie te presenteren. Nog gevaarlijker om dit als uitgangspunt voor de sport in het algemeen en de Nederlandse sport in het bijzonder te kiezen.
Begin jaren twintig publiceerde de Rijksoverheid het volgende:
"Bijna de helft van de Nederlandse kinderen beweegt te weinig. Hun motorische vaardigheden gaan achteruit en overgewicht bij kinderen neemt toe. Enkele oorzaken daarvan zijn de digitalisering, verstedelijking en te weinig veilige speelplekken. Daarom wil de Rijksoverheid kinderen en hun ouders helpen van jongs af aan vaardig te bewegen. Campagnes, kennis over bewegen en financiële ondersteuning voor ouders kunnen daarbij helpen.
Beweegrichtlijn voor kinderen
De beweegrichtlijnen van de Gezondheidsraad vertellen hoeveel je moet bewegen om gezond te blijven. Voor kinderen van 4 tot 18 jaar geldt de volgende beweegrichtlijn:
- Bewegen is goed, maar meer bewegen is nog beter.
- Doe minstens elke dag een uur aan matig intensieve inspanning, zoals fietsen, wandelen of zwemmen. Langer, vaker of intensiever bewegen is nog gezonder.
- Doe minstens driemaal per week spier- en botversterkende activiteiten, zoals springen, dansen of krachtoefeningen.
- Voorkom veel stilzitten."
Enige jaren geleden presenteerde de Koninklijke Nederlandse Zwem Bond (KNZB) onderstaande:
"Visie van KNZB Jeugdsportvisie Zorgeloos zwemplezier Inleiding NOC*NSF en de sportbonden in Nederland hebben de gezamenlijke ambitie om in 2032 de sportiefste jeugd ter wereld te hebben. De KNZB steunt en deelt deze ambitie en draagt graag bij aan de Sportagenda 2032 en het jeugdsportplan 'De reis naar de sportiefste jeugd van de wereld' ".
Inmiddels is er, ingaande het seizoen 2026-2027, een soort Beleidsplan "Bepalingen onder 12 jaar circuit" waarin de aanpak van de groepen onder 10 en 12 jaar uiteen wordt gezet. Samengevat in hoofdlijnen:
-het element van de onderlinge competitie wordt afgezwakt;
-iedereen prijs.
De Nederlandse Triatlon Bond (NTB) komt met een beleidsplan
"Jeugd en Junioren in de Triatlon vereniging".
"Het NTB Jeugdplan van de Nederlandse Triathlon Bond hanteert het LTAD-model (Long-Term Athlete Development) en stelt plezier, een gezonde ontwikkeling en veiligheid voorop. Het plan is opgebouwd rondom specifieke leeftijdsindelingen en accommodatie-eisen voor vier categorieën: [1, 2]
- Pupillen en Aspiranten (4 t/m 11 jaar): Kennismaking met de sport via laagdrempelige speelse vormen en zeer korte afstanden.
De Koninklijke Nederlandse Voetbal Bond (KNVB) presenteert een zeer uitgewerkt jeugdplan.
Uiteraard is het mogelijk om van alle, bij het NOC/NSF aangesloten, Sport Bonden een samenvatting van de gehanteerde filosofie en aanpak te presenteren doch dat zal vermoedelijk niets aan onderstaande kritische opmerkingen veranderen.
1.Vrijwel alle Beleidsplannen de Jeugd betreffende zijn in de lijn van het NOC/NSF de landelijke sportkoepel.
2.Opvallend dat deze plannen allemaal van zeer recente data zijn.
3.Geen van de plannen komt met uitgewerkte ideeën over fysieke verbreding, uitgangspunten van een gedegen aanpak in de geest van 'De reis naar de sportiefste jeugd van de wereld' .
Echte concrete ideeën bestaan er niet, terwijl er in Nederland door diverse sportgoeroes al vele tientallen jaren wordt gesproken over verbreding van de sport aanpak binnen de gehele sport en specifiek gericht op de jeugd.
Jan Stender, misschien wel de succesvolste Nederlandse zwemtrainer ooit, pleitte al in de jaren veertig voor een soort van Algemene lichaam Scholing en baseerde zijn succesvolle aanpak hierop. De sporters van zijn club uit Hilversum, De Robben, deden aan hardlopen, trainen met gewichtjes, waren wedstrijdzwemmers, open water zwemmers en waterpoloërs.
Persoonlijk koos ik de ALS (Algemene Lichaam Scholing) als uitgangspunt voor mijn aanpak vanaf eind jaren zestig en houd nog regelmatig een pleidooi hiervoor. Van iedere zwemclub deden de sporters mee aan de drie hierboven genoemde disciplines, waarbij in de trainingsaanpak hardlopen, teamsporten, en zaaltrainingen de basis vormden.
In mijn tijd als trainer / coach in het KNVB zwembad op het voetbalcentrum te Zeist heb ik tientallen keren met trainers gesproken over een verschuiving van hun aanpak. Waarom alleen maar in het water?
Gebruik de sportzaal! Geniet van de mogelijkheden in de bossen! Ontwikkel een opzet over een reeks van jaren waarin de specifieke discipline geleidelijk centraler komt te staan.
Een voorbeeld hoe het niet moet. Uiteindelijk besloot een Bondscoach deze aanpak te implementeren.
Met het Nationale dames team werden er mountainbike- en looptrainingen georganiseerd. Uiteraard ging dat fout. Het inpassen van dit soort onderdelen dient te gebeuren gebaseerd op een visie en een lange termijn aanpak. Veel andere sportvormen bij de jeugd geleidelijk uitmondend in ondersteunende activiteiten bij de senioren.
Vermoedelijk, maar daarvan zijn helaas geen cijfers te leveren, zal het aantal overbelastingblessures afnemen. Zeker zal het plezier in bewegen toenemen en mogelijk leiden tot "een leven lang in de ban van sportief functioneren".
Conclusies
-Vragen blijven over de Noorse aanpak. Hierop zijn geen structurele antwoorden verkregen. Vele toppers gingen een "normale weg". Ook de inbreng van de ouders blijkt nauwelijks af te wijken van Nederland.
-Bij de vraag of het Noorse model in Nederland zou kunnen werken lijkt het antwoord vooralsnog op
"eerst bewijzen zien".
-In de Sociaal Maatschappelijke samenleving was het verplicht schrijven van meerjarenplanningen en jaarplannen vanaf de jaren zeventig een crime maar noodzakelijk om subsidie te verkrijgen. Stapels ongelezen stukken vullen de kelders van Gemeentehuizen.
-Een aantal decennia later doet deze "verplichting" ook in de sportwereld opgang.
-Eindeloze reeksen wetenschappers en deskundigen worden opgevoerd om de, over het algemeen, zeer oppervlakkige teksten interessant te laten klinken.
-De echte reden kan zijn de Wettelijke Aansprakelijkheid (WA). DE GROTE ANGST in de huidige maatschappij!